|
Soap opera in abdij Brechtse
trappistinnen maken ambachtelijke toiletzeep Pax (vrede) staat te lezen op een steen bij de ingangspoort van de abdij Onze-Lieve-Vrouw van Nazareth, midden in de velden tussen Brecht en Schilde. En die vrede hebben we broodnodig. Al meer dan een halve eeuw woont, werkt en bidt in deze verlaten uithoek van de Kempen een gemeenschap van trappistinnen. Ora et labora (werk en bid) is een bekende spreuk uit de benedictijnerspiritualiteit waarnaar dit klooster leeft. Een spreuk die de zusters omzetten in daden. Zuster Katharina ontvangt ons in een stemmig spreekkamertje vlakbij de kloosterwinkel. "Soms schrik ik op van gasten of bezoekers die menen dat wij subsidies krijgen," zegt ze, "of dat de Kerk ons onderhoudt om een contemplatief leven te leiden. Niets is minder waar. Wij werken om ons brood te verdienen". Vandaag telt de trappistinnengemeenschap van Nazareth 38 leden, bij hen een tiental zusters jonger dan 45. Vooral de late jaren 1950 waren een bloeiperiode voor de abdij, maar nog altijd even gretig leven de zusters een afgesloten contemplatief bestaan van koorgebed (zevenmaal daags), arbeid en gemeenschapsleven. Arbeid inderdaad, want monniken en monialen horen te werken voor hun inkomen. "Ze
zijn juist dan echte monniken," schrijft de heilige Benedictus in
zijn Regel, "als zij leven van het werk van hun handen, zoals
onze vaderen en de apostelen." Arbeid
heeft in een abdij toch ook wel een andere dan de hedendaagse
betekenis? "Het belangrijkste is dat we uitgenodigd zijn om
tijdens het arbeiden verbonden te blijven met de Heer en zijn
mensen," legt zuster Katharina uit, "door het Jezusgebed
of door met je hart bij Christus te vertoeven. Eenvoudig is dat niet.
Je moet ook steeds weer je werk onderbreken als de klokken ter kerke
roepen. Soms gebeurt het omgekeerde. Dan ben ik tijdens het gebed
bezig met mijn werk."
Naast het poortgebouw een indrukwekkende boerderij. Jarenlang was landbouw de belangrijkste bron van inkomen, maar daarmee moesten de zusters kappen. De boerenstiel bleek, althans wat hen betreft, niet langer een optie. Er is natuurlijk ook een gastenhuis (voor wie zich komt bezinnen) en in de abdij vind je ook ateliers voor de productie van liturgische gewaden en vlaggen. Ambachtelijke producten van hoge kwaliteit, op mensenmaat vervaardigd, laat ik me vertellen. Reden van ons bezoek is echter het zeepbedrijf. Al decennia lang produceren de zusters van Brecht onder de merknaam Trapp zeep voor huishouden en hygiëne: afwasmiddel en vloerzeep, badschuim en shampoo, sinds kort natuurlijke toiletzeep. Zuster Katharina: "Toen de ziederij in de jaren 1960 van start ging, was de concurrentie beperkt. Vandaag rijzen de winkels van toiletartikelen als paddestoelen uit de grond. We moesten dus werk maken van Trapp's toekomst. De voorzienigheid bracht ons op het spoor van een Amerikaanse zuster die nu in Noorwegen leeft. Zij leerde ons een nieuwe productiewijze kennen." UNIEK Zuster Katharina: "Had je me een paar jaar geleden gevraagd hoe je zeep maakt, ik zou het antwoord schuldig zijn gebleven. Intussen weet is uit ervaring dat verzeping een chemische reactie is van vet met een zogeheten alkaliloog. Ons basisproduct is steevast een zuiver plantaardig vet, meer bepaald combinaties van olijfolie, zonnebloemolie, arachide-olie, palmvet en cocosvet. Daar voegen we natuurlijke producten aan toe, waardoor elke zeep z'n eigen parfum krijgt." Het eerste stuk dat we ter hand nemen blijkt de bruine, bijzondere geurige smeerwortelzeep. Smeerwortel is een kruid uit onze contreien, dat al in de Middeleeuwen bekend was voor zijn helende eigenschappen. Het kruid is afkomstig uit de abdijtuin, maar is eigenlijk een woekerplant. De haverzeep is dan weer oranje (als gevolg van de ongebleekte palmolie) en verspreidt een frisse citrusgeur. De haver, eigenlijk een graan, schuurt dode huidcellen weg en verzacht zo de huid. Het aroma van lavendel is bekend, maar paars is het stukje zeep helemaal niet. Het beste bewijs dat ze in Brecht uitsluitend natuurlijke lavendel gebruiken. Uit de abdijtuin, dat spreekt vanzelf. De soberste Trapp is de geurloze olijfzeep, vervaardigd op basis van de edele olie die al sinds bijbelse tijden wordt geroemd voor een gladde huid. ECOLOGISCH Een handvol trappistinnen werkt in het zeepbedrijf, maar enkele bejaarde zusters komen graag een handje toesteken. Bijvoorbeeld bij het snijden van de blokjes of het vouwen van de verpakking. In de abdij is iemand blijkbaar nooit afgeschreven. "Ons lange leven," lacht zuster Katharina. "Hier kun je zelfs op je vijfenzestigste nog een nieuwe baan krijgen!" Waarom uitgerekend zeep? Het is ons laatste vraag alvorens we door het mistige landschap huiswaarts trekken. Voor zuster Katharina heeft het product een uitdrukkelijk monastieke waarde. "Zeep is reinigend. Tegelijk is het een banaal ding." Schreef Benedictus niet: "Alles beschouwen als heilig vaatwerk"? Iets om mee te nemen in ons aller leven.
|